De bevelhebbers door de jaren heen

In onze archieven vond ik terug dat men op 25 februari 1822 is overgegaan tot de oprichting van een pompierskorps, de naam van de eerste bevelhebber is niet meteen bekend. Deze brandweerdienst heeft bestaan tot in 1859, want op 25 oktober 1859 is er een reoganisatie geweest en werd J .B Goossens aangesteld als bevelhebber. In 1862 werd de heer Smets bevelhebber.

Bij de oprichting van het gewapend korps in 1894 werd Alfons Hertsens tot Kapitein-bevelhebber benoemd, hij werd in 1930 opgevolgd door de heer Dogaer welke op zijn beurt werd vervangen door de heer Jacques De Coster op 3 oktober 1933.

Jacques de Coster

Gebr.Noez en Cmdt.De CosterTrad in dienst op 1 maart 1902, hij werd bevorderd tot korporaal op 21 juni 1905 , sergeant op 3 mei 1911, sergeant-fourier op 18 juli 1913, onderluitenant op 5 november 1920, luitenant op 4 april 1930 tot hij op 3 oktober 1933 het bevelhebberschap overnam.

Hij overleed in 1938 en werd opgevolgd door Lt. Paul Noëz die op 15 februari 1939 tot Cmdt. bevorderd werd.

Tijdens de periode van de Tweede Wereldoorlog werd bij Collegebesluit op 5 oktober 1944, Emiel De Coster tijdelijk aangesteld als bevelhebber. Op 20 juli 1950 voert het College een reorganisatie door in het brandweerkorps met gevolg dat Emiel De Coster niet langer bevelhebber meer is. Hij krijgt 6 maand vooropzeg.

Op 15 november 1950 trad Cmdt. Jozef Thues in dienst als bevelhebber. Hij werd geboren in Antwerpen op 11 mei 1906. In 1967 overlijdt de heer Thues.

Gedurende 17 jaar en onder zijn impuls bouwde hij aan de Mechelse brandweer. Met een stevige kern van beroepspersoneel organiseerde hij een brandbestrijding in de regio Mechelen.

Georges Hendrickx

Op 1 juni 1968 treed de heer Georges Hendrickx in dienst als opvolger van Cmdt.Thuez. Voordien was Hendrickx sinds 1 februari 1956 conducteur bij de stedelijke regie waterleiding in de Dijlestad.

Daar werd Hendrickx meteen al geconfronteerd met een zware brand. Het moet zijn dat hij een speciale feeling had, want toen hij op 1 februari 1956 van het groot station door de Bruul ging, stonden de pompiers me daar met groot alaam en veel gespuit af te wachten en te begroeten, want cinema Rio en Rex stonden in lichterlaaie.

In mijn geheugen zit nog de ontploffing van Metalurgia het bommenkot genaamd. In 1967 overleed burgemeester A. Spinoy en brandweerbevelhebber Thues. Begin '68 werd me gevraagd of ik naar de brandweer wou overgaan. Na een examen deed ik mijn intrede bij de Mechese brandweer vertelt Georges. Aanvankelijk voerde de commandant het bevel over 33 manschappen. Onder zijn leiding werd het Mechelse beroepskorps uitgebreid tot 89 man, veel te weinig vond hij.

De grootste branden

Mijn eerste brand was op zaterdagvoormiddag in de Spreeuwenhuisstraat, waar een opslagplaats van een garnierderij in de fik stond. Ik ging naar alle branden om mij zo snel mogelijk op de hoogte te brengen. Maar de eerste echte grote brand kwan eraan op een avond in maart 1969, op de Putsesteenweg in Sint Katelijne waver. Een tankwagen met 8000 liter propaangas stond in brand in een benzinestation vlak voor een fabriek waar gasflessen werden gevuld.

Toen ik ter plaatse kwam zag ik een enorme steekvlam uit de tankwagen komen. Ik plaatste mijn auto op 50 m voor de brand voor het bedrijf Peeters, de baas vroeg me nog; het kan toch zeker geen kwaad dat het ontploft, want anders zijn al mijn ruiten kapot. Ik antwoordde nee man anders zou ik mijn auto hier toch niet zetten. Later zou het wel anders uitdraaien ... de tankwagen ontplofte. Net een V1 bom. Vijf manschappen werden met zware verwondingen weggevoerd.

EurocanDe meeste grote branden die Hendrickx in zijn carriëre voor de geest schieten : op 8 april 1971 wanneer de winkel Piessens op de Battelsesteenweg uitbrandde, op 29 augustus 1972 toen de St Romboutstoren brandde, de kistenloods van de tuinbouwveiling in Sint Kat Waver die op 10 april 1974 plat werd gelegd net zoals het blikjesbedrijf Eurocan aan de Nekkerspoel Borcht en het fineerbedrijf Mariën aan de Auwegemvaart in augustus 1974, de ontploffing van het benzinestation in 1975, de brand bij Marie Thumas in oktober 1978, het meubelbedrijf Meurop in Rijmenam in mei 1979.

De grote branden bleven toen komen.

De meest trieste ervaring was het drama waarbij op 29 april 1975 vier van mijn manschappen om het leven kwamen bij een helikopterongeval te Walem. Dat waren verschrikkelijke momenten. Ook daarna toen ik met de Mille Rombouts (Adj) de families van de slachtoffers ben gaan verwittigen. Zij blijven steeds in mijn herinnering.

Maar er waren ook vele gelukkige momenten. De grootste voldoening van Georges Hendrickx was de verbouwing van de brandweerkazerne in 1982.

Het aantal manschappen steeg tot 39 en Mechelen werd aangeduid als Y-Centrum.

Op 1 juni 1994 gaat Cdt. George Hendrickx met pensioen. Na een loopbaan van 25 jaar als bevelhebber van ons korps, is dit verder uitgegroeid tot 89 manschappen en heeft dit een goede reputatie verworven.

Jean Cassimon

Hij wordt opgevolgd door Kpt. Jean Cassimon die op zijn beurt op 1 juli officïeel bevordert wordt tot Kpt. Cdt van de Mechelse brandweer. Het korps beschermt op dat ogenblik een gebied met 125.000 inwoners.

Cassimon was reeds 23 jaar in dienst bij de Mechelse brandweer. Als je vader ook al heel zijn leven pompiers is geweest word je ontegensprekelijk ook in die richting geduwd. De verhalen van vader Petrus boeiden mij zodanig dat dat ik hier nog geen dag spijt van heb. Zijn eerste stappen bij de Mechelse brandweer zette hij in juli 1975 als onderluitenant. Een vaste benoeming kreeg hij op 1 juli 1976, hij behaalde het brevet van preventionist en werd in 1978 tot kapitein bevorderd. Hij was van dan af tweede in commando.

Op 1 mei 2004 ging Cdt. Jean Cassimon met pensioen, en er werd sindsdien geen nieuwe commandant meer aangesteld. Ondertussen wordt het korps nu al bijna 8 jaar geleid door waarnemend bevelhebber Kpt. Philippe Maudens. Mechelen is als beroepskorps het enige korps dat over geen commandant beschikt.

De toekomst zal het uitwijzen ...